Albert Boone

Moderators: Alostum, david, janlouies

Gebruikersavatar
Alostum
Site Admin
Berichten: 11737
Lid geworden op: 14 Mei 2014, 15:27
Locatie: Aalst

Re: Albert Boone

Berichtdoor Alostum » 04 Jun 2014, 14:42

Geplaatst: 09 Dec 2011 09:37 pm
esja schreef:Dit is de herwerkte versie van het door Willy geplaatste artikel over Congo.
Ik heb getracht het leesbaarder te maken door de voetnota's apart te plaatsen op het einde van eenhoofdstuk, de quote's in een andere kleur te zetten, en vooral, door het artikel in 11 delen te trekken die ik in dagelijkse afleveringen ga plaatsen, het artikel in zijn geheel is veel te lang om in een keer gelezen te worden.

Over leven en sterven in Congo Vrijstaat

derde studie in het kader van het verzoeningsproces tussen Belgie en Congo juni 2010

Deel 1

Al vanaf het begin van de Congo Vrijstaat in 1885 was het koning Leopold II erom te doen om in het pas verworven gebied zo snel mogelijk grote winsten te maken (2).
Daartoe installeerde hij een eigen bestuursapparaat, waarvan hijzelf het soevereine hoofd was, met een hoofdzetel van de regering van de Vrijstaat in Brussel.
Officieren, soldaten en ambtenaren werden gestuurd naar Congo om het immense gebied verder te exploreren en vooral ook om zo snel en zoveel mogelijk Belgische handelsposten op te richten. In de beginjaren van de Vrijstaat werd er gretig gejaagd op ivoor, dat veel geld opbracht op de Europese markten.
Hoewel bij het verdrag van Berlijn vrijhandel in de nieuwe Congostaat gegarandeerd was, probeerde Leopold dit op alle mogelijke wijze te omzeilen.
Enorme commissies werden door de Vrijstaat berekend op de export van ivoor door andere landen. Voorraden ivoor in dorpen werden in beslag genomen door de Staat met hulp van de Force Publique, het leger van de staat, dat bestond uit Belgische officieren en soldaten uit West- Afrika en later uit Congo zelf (3).
In de zgn. ´Arabische campagnes´, die in België werden voorgesteld als een heldhaftige strijd tegen de slavenhandel door de Arabieren in het oosten van Congo, ging het de vorst er voornamelijk om zijn commerciële belangen veilig te stellen door de Arabische ivoorhandel te blokkeren. Bovendien werden onder de dekmantel van deze campagnes grote gebieden veroverd. De grote Arabische campagne onder leiding van Van Kerckhoven was er op gericht om in het oosten gebieden te veroveren, en zo de aansluiting naar de Nijl te verzekeren (4).
“De strijd tegen de slavernij is voor de koning nooit meer geweest dan een alibi om zijn materiële ambities te verbergen” (Guy Vanthemssche).
Frans Buelens stelt dat deze Arabische oorlog met een nooit geziene wreedheid werd gevoerd en steden als Kasongo en Nyangwe nagenoeg werden vernietigd met 70.000 doden en een grote hoeveelheid krijgsgevangenen tot gevolg.
Toch werden de Belgische officieren van deze campagnes geëerd met pronkende standbeelden in ons land, die hun heldhaftigheid in de strijd om een nobele zaak (n.l. de bestrijding van de slavernij) aan de volgende generaties moesten tonen.
Ook het museum van Oorlog in Brussel stelt deze campagne voor als een heldhaftige strijd van onze dappere voorvaderen zogezegd om de slaven te bevrijden uit de handen van de Arabische handelaren.

(2) Deze winsten werden aangewend voor de realisatie van grootse bouwprojecten in Brussel, Oostende en elders. Maar ook het koningshuis zelf heeft in niet onaanzienlijke mate geprofiteerd van deze rijkdom. Over de financiële impact van deze periode op het Belgische bedrijfs- en bankwezen, verwijs ik naar de studie van Geert Buelens: ´Congo, de impact van een kolonie¨
(3) Uiteindelijk zou deze gretigheid ook het keerpunt worden toen de Belgische commandant Lothaire de Ierse ivoorhandelaar Charles Stokes in 1895 zonder vorm van rechtsgeldig proces terechtstelde op beschuldiging van handel in wapens. De ware reden was dat Stokes als bedreiging werd gezien voor de ivoorhandel in Oost-Congo. Deze executie leidde tot internationaal protest van vooral Duitsland en Engeland en zou de Congo Vrijstaat internationaal
voortaan in een slecht daglicht brengen (uitvoerig beschreven door Van Groeneweghe in ´Voor rubber en ivoor. Leopold II en de ophanging van Stokes).
(4) Deze droom is uiteindelijk niet uitgekomen en heeft tot internationaal gezichtsverlies van de koning geleid.
Wie zich het verleden niet kan herinneren, is gedoemd het opnieuw te leven. (George Santayana - filosoof)

Gebruikersavatar
Alostum
Site Admin
Berichten: 11737
Lid geworden op: 14 Mei 2014, 15:27
Locatie: Aalst

Artikel Willy - Congo rond 1900 deel 2

Berichtdoor Alostum » 04 Jun 2014, 14:42

Geplaatst: 10 Dec 2011 06:44 pm
esja schreef:Deel 2

´Vrijgelatenen´ en dwangarbeid



De op de Arabieren bevrijde slaven werden als ´vrijgelatenen´ ingezet in het Force Publique, als dragers van ivoor en later van rubber of als goedkope arbeidskrachten bij de aanleg van spoorwegen.
Door de onmenselijke afstanden, zeer zware lasten en gebrek aan voedsel en rust zijn vele duizenden bij de talloze transporten te voet bezweken. Ook zijn alleen al bij de dwangarbeid voor de aanleg van de spoorlijn van Matadi naar Leopoldstad waarschijnlijk 2000 (vooral West-
Afrikaanse en Chinese) arbeiders om het leven gekomen door honger, uitputting, lijfstraffen, maar ook door allerlei tropische ziekten. Bij verschillende veroveringsexpedities werden soms hele dorpen leeggehaald en bewoners meegevoerd om als goedkope (dwang) arbeiders dienst te doen op andere plaatsen. We laten de overste van de Jezuïeten-orde in Congo Van Hencxthoven aan het woord:
“Zonder rekening te houden met de bloedige herendienst die de bevolking daar verschillende jaren lang met dragen geleverd heeft, houdt men niet op haar nieuwe lasten in mensen en in werk op te leggen....Men zal eindigen met dat ras van Beneden-Congo uit te roeien...men zou zeggen dat de inlanders slaven van de staat zijn, overgeleverd aan de willekeur van de administratie”(in “Missie
en Staat in Oud-Congo”, A. M. Delathuy).
Wat recrutering in sommige gevallen betekende voor de inlandse bevolking is opgetekend uit de mond van een jonge vrouw, Ilanga, die beschrijft wat er in haar dorpje Waniendo gebeurde:
“...We waren allemaal druk bezig op de akker om onze plantages te wieden, want het was het regenseizoen en het onkruid schoot snel op, toen een boodschapper naar het dorp kwam en zei dat er een grote groep mannen aankwam, dat ze allemaal rode petten en blauwe kleren droegen, en geweren en lange messen, en dat er veel blanke mannen bij hen waren.....we liepen allemaal in het huis en gingen zitten. We zaten niet lang toen de soldaten schreeuwend naar binnen kwamen, en ze bedreigden Niendo (opperhoofd) met hun geweren. Ze stroomden de huizen binnen en sleurden de mensen naar buiten. Drie of vier van hen kwamen naar ons huis en pakten mij vast, en ook mijn man Oleka en mijn zuster Katinga. We werden de weg op gesleurd en werden met touwen om onze nek vastgeboden, zodat we niet konden ontsnappen. We huilden allemaal, want we wisten nu dat we weggevoerd zouden worden als slaven. De soldaten sloegen ons met ijzeren stokken van hun geweren en dwongen ons naar het kamp van Kibalanga te marcheren, die beval dat de vrouwen afzonderlijk moesten worden vastgebonden, tien aan ieder touw, en de mannen op dezelfde manier.
Toen we allemaal bij elkaar waren gebracht – en er waren velen uit andere dorpen die we nu zagen...- brachten de soldaten manden met voedsel die we moesten dragen, in sommige waarvan gerookt mensenvlees lag... Zo ging het verder tot de vijfde dag, toen de soldaten mijn zusters baby grepen en in het gras gooiden, waar ze hem achterlieten om te sterven, en haar dwongen kookpotten te dragen die ze in het verlaten dorp hadden gevonden. Op de zesde dag werden we erg zwak door gebrek aan voedsel en door het voortdurende lopen en slapen in het vochtige gras, en mijn man, die achter ons liep met de geit, kon niet langer op zijn benen staan, dus ging hij naast het pad zitten en weigerde verder te lopen. De soldaten sloegen hem, maar hij bleef weigeren zich te verroeren. Toen sloeg een van hen hem op het hoofd met het uiteinde van zijn geweer, en hij viel op de grond. Een van de soldaten ving de geit, terwijl twee of drie anderen de lange messen die aan het uiteinde van hun geweren zaten in mijn man staken. Ik zag het bloed naar buiten gutsen, en toen zag ik hem niet meer, want we passeerden de kam van een heuvel en hij was buiten zicht. Veel jonge mannen werden op dezelfde manier gedood, en veel baby´s werden in het gras gegooid om te sterven. ... Na tien dagen marcheren bereikten we het grote water ... en werden we in kano´s overgezet naar de stad van de blanken in Nyangwe.”
(in Hochschild, “De geest van koning Leopold en de Congo”).

Is het verbazingwekkend dat vele Congolezen liever wensten te vallen in handen van de Arabische slavenhandelaren dan in die van hun Belgische ´bevrijders´?
Wie zich het verleden niet kan herinneren, is gedoemd het opnieuw te leven. (George Santayana - filosoof)

Gebruikersavatar
Alostum
Site Admin
Berichten: 11737
Lid geworden op: 14 Mei 2014, 15:27
Locatie: Aalst

ouderlijk huis

Berichtdoor Alostum » 04 Jun 2014, 14:43

Geplaatst: 10 Dec 2011 09:42 pm
jan louies schreef:Ik vond, meen ik me te herinneren, destijds gegevens over Albert Boone in de bevolkingsregisters, meer bepaald Dirk Martensstraat. Als het een andere Albert Boone betreft, moet die wel even oud geweest zijn hen heb ik me daaraan laten vangen. Mijn schuld als ik het niet nauwkeurig genoeg gecheckt heb!
Wie zich het verleden niet kan herinneren, is gedoemd het opnieuw te leven. (George Santayana - filosoof)

Gebruikersavatar
Alostum
Site Admin
Berichten: 11737
Lid geworden op: 14 Mei 2014, 15:27
Locatie: Aalst

ouderlijk huis

Berichtdoor Alostum » 04 Jun 2014, 14:44

Geplaatst: 10 Dec 2011 09:58 pm
jan louies schreef:Ik heb, naar ik mij herinner, ooit in de bevolkingsregisters gegevens over Albert Boone in de Dirk Martenstraat gehaald. Als het een andere Albert Boone dan onze ontdekkingsreiziger betreft, moet die wel uit de zelfde periode stammen en heb ik dus niet nauwkeurig genoeg gezocht. Het verifiëren waard...
Wie zich het verleden niet kan herinneren, is gedoemd het opnieuw te leven. (George Santayana - filosoof)

Gebruikersavatar
Alostum
Site Admin
Berichten: 11737
Lid geworden op: 14 Mei 2014, 15:27
Locatie: Aalst

Artikel Willy - Congo rond 1900 deel 3

Berichtdoor Alostum » 04 Jun 2014, 14:44

Geplaatst: 11 Dec 2011 08:14 pm
esja schreef:Deel 3

Geldzucht


Aangezien de Congo Vrijstaat in de eerste jaren de koning veel meer kostte dan opleverde, moest hij enorme leningen aangaan, vooral toen zijn eigen familiekapitaal geleidelijk opraakte5. Onder allerlei voorwendsels en via ondoorzichtige financiële constructies wist de koning kredieten los te krijgen bij verschillende banken en later - onder allerlei beloften van terugbetaling - ook bij de Belgische overheid. Geen van deze grote leningen werd terugbetaald. Ascherson (´Leopold II, de
koning nv´) geeft bij wijze van voorbeeld een beschrijving van zo´n constructie waarbij de koning 5 miljoen goudfrank (ong. 30 miljoen euro) leende bij de Belgische regering om een fictieve schuld af te betalen bij de Antwerpse bankier Browne de Tiège, welk bedrag nooit aan de staat werd terugbetaald.
Begin jaren ´90 besloot de koning dat alle gebieden in Congo die nog niet ontgonnen waren het wettige eigendom van de Congo Vrijstaat zouden worden. Congolezen die geen flauw benul hadden van Europese noties van eigendomsrecht (er was trouwens geen enkele volkenrechtelijke basis voor deze beslissing) mochten in hun eigen gebieden niet meer jagen of verhuizen naar nieuwe gebieden om akkers te ontginnen. Dit leidde tot dramatische situaties.
De koning had de regering aanvankelijk beloofd dat ´Congo de Belgische regering geen frank zou kosten´
Bovendien ging dit besluit rechtstreeks in tegen de uitdrukkelijke bepalingen van de conferentie van Berlijn, die vrijhandel garandeerden.
Toen internationale druk de koning verplichtte om Congo Vrijstaat weer open te stellen, bleek deze nieuwe eigendomsconstructie voor de koning zelfs een goudmijn. Buitenlandse bedrijven (bijv. ABIR was deels Belgisch deels Brits) en Belgische bedrijven (Anversoise e.a.) werden toegelaten´ in de gebieden van Congo Vrijstaat en konden grote gebieden (sommige ter grootte van Oostenrijk of Nederland) in concessie (een soort pacht) krijgen om te ontginnen. De koning zorgde wel dat hij zelf meerderheidsaandeelhouder was van deze bedrijven en streek behalve de torenhoge dividenden ook nog commissies en belastingen op winstmarges op. In het bestek van dit verslag kan hierop niet uitvoeriger worden ingegaan. Jean Stengers en recentelijk Frans Buelens gaan uitvoerig in op de winsten die hierbij zijn gemaakt.
Expert op het gebied van de rubbercampagne Daniel Vangroenweghe stelt onomwonden dat geldzucht het allesbeheersende motief van Leopold en Congo Vrijstaat was. Deze geldzucht werd doelbewust vanuit Brussel aangewakkerd door een systeem waarbij de officieren en ambtenaren
extra procenten konden opstrijken naarmate ze meer kilo´s ivoor en later rubber en kobalt binnenbrachten. Alle middelen werden niet alleen gedoogd, maar zelfs aangemoedigd om de Congolese bevolking hiertoe te gebruiken.
Wie zich het verleden niet kan herinneren, is gedoemd het opnieuw te leven. (George Santayana - filosoof)

Gebruikersavatar
Alostum
Site Admin
Berichten: 11737
Lid geworden op: 14 Mei 2014, 15:27
Locatie: Aalst

Deel 4

Berichtdoor Alostum » 04 Jun 2014, 14:46

Geplaatst: 12 Dec 2011 10:55 pm
esja schreef:Deel 4


Rubbercampagne



Toen er eind jaren 1880 een enorme vraag naar rubber ontstond door de uitvinding van de rubberband, was dit voor de koning een geschenk uit de hemel.
Vanaf nu werd alles in het werk gesteld om zo snel en zoveel mogelijk rubber te halen uit de grote wouden van Congo (6).
Hele dorpsgemeenschappen in het Evenaarsgebied, in Kasai en in het Kroondomein (7) werden gedwongen ingezet om de jungle in te trekken om de latex af te tappen uit de lianen van de rubberbomen.
Vanuit Brussel instrueerde de koning zijn ambtenaren in de Vrijstaat om de opbrengsten van de oogsten te verhogen tegen elke prijs.
Extra commissies werden verleend aan ambtenaren die een hogere opbrengst konden voorleggen. Hierdoor werd een gewetenloze competitie en geldzucht bevorderd, die de ambtenaren en officieren ertoe brachten onnoemelijke wreedheden te begaan tegen de bevolking.
Dorpen die niet wilden gehoorzamen om rubber te oogsten werden afgebrand, en de bewoners gedood. Zij die te weinig latex hadden verzameld naar de zin van de ambtenaren van de Vrijstaat werden in sommige gevallen gedood, in andere gevallen werd hun de hand (soms handen) afgekapt ter afschrikking van de anderen, of kregen ze er genadeloos van langs met de chicotte.
De chicotte was een zweep “gemaakt van ongelooide, gedroogde nijlpaardhuid, gesneden in een lange, scherp gerande strook in de vorm van een kurkentrekker. Meestal werd de chicotte toegepast op het blote achterwerk van het slachtoffer. De slagen lieten blijvende littekens achter; meer dan vijfentwintig slagen kon bewusteloosheid betekenen; honderd of meer - een niet ongebruikelijke straf – was vaak fataal.” (Hochschild).
Stanislas Lefranc, een vroom katholiek en monarchist die als magistraat werkte in Congo probeerde later in België via pamfletten en krantenartikels hiertegen te protesteren.
Hij schrijft: “Het hoofd van de basis kiest de slachtoffers uit. (...) Bibberend, verwilderd gaan ze met hun gezicht omlaag op de grond liggen (...) twee van hun makkers, soms vier, pakken hen bij hun voeten en handen vast en trekken de katoenen onderbroek omlaag. (...) Iedere keer dat de folteraar met de chicotte treft, verschijnt er een roodachtige striem op de huid van de beklagenswaardige slachtoffers, die, hoe stevig ze ook worden vastgehouden, zich naar adem happend in afschuwelijke bochten wringen. (...) Bij de eerste slagen slaken de ongelukkige slachtoffers vreselijke kreten, die al snel overgaan in zwak gekreun. (...) Uit geraffineerde snoodheid eisen sommige officieren, en ik ben daar zelf getuige van geweest, dat wanneer de getergde hijgend opkrabbelt, hij hoffelijk de militaire groet moet brengen” (Hochschild). (8)

(6) Tijd voor het aanleggen van rubberplantages was er niet, omdat de concurrentie in Latijns-Amerika hiermee al begonnen was. Het zou vele jaren duren voordat nieuw aangelegde plantages rendabel zouden worden, en rubber was nú nodig en in grote hoeveelheden.
(7) Het Kroondomein was een gebied dat de koning voor zichzelf persoonlijk had gereserveerd en dat buiten het toezicht en de jurisdictie van de Congostaat viel. In dit gebied ter grootte van het Verenigd Koninkrijk heerste een zwaarder terreurregime, dat uitvoerig beschreven is door Van Groeneweghe. België en Kongo – de misdaden van Congo Vrijstaat p. 5
(8) De Staat beperkte het gebruik tot maximaal 50 slagen en dan alleen op het achterwerk. David Van Reybroeck merkt op dat dit in de praktijk regelmatig werd overschreden soms zelfs tot 400 slagen, en niet alleen op het achterwerk maar over het hele lichaam, met ernstige verwondingen en soms zelfs de dood tot gevolg. Ook ná 1908 bleef de chicotte nog dienst doen, zij het in minder hevige mate.
Wie zich het verleden niet kan herinneren, is gedoemd het opnieuw te leven. (George Santayana - filosoof)

Gebruikersavatar
Alostum
Site Admin
Berichten: 11737
Lid geworden op: 14 Mei 2014, 15:27
Locatie: Aalst

Artikel Willy - Congo rond 1900 deel 5

Berichtdoor Alostum » 04 Jun 2014, 14:46

Geplaatst: 13 Dec 2011 11:50 am
esja schreef:Deel 5

Alle ambtenaren en officieren van de Vrijstaat moesten een document ondertekenen waarin ze beloofden geen enkel getuigenis dat de Vrijstaat schade zou kunnen toebrengen naar buiten te brengen, op straffe van verlies van pensioen en andere rechten.

Dene Morel (9) wees er in zijn baanbrekende boek ´Rood rubber´ in 1906 al op dat de mensenrechtenschendingen geen uitwassen waren, maar doelbewuste strategie om hogere opbrengsten te halen. Zijn aanklacht was dan ook niet gericht tegen de misdaden als zodanig, maar tegen de regime van de rubberoogsten van de Congo Vrijstaat als zodanig. Deze was er op geen enkele wijze op gericht om ook maar enigszins het welzijn van de lokale bevolking te verbeteren. Als voormalig officier van de transportschepen van ivoor en rubber observeerde hij in de haven van Antwerpen dat de lege schepen vooral gevuld werden met wapens, voor zij de terugweg naar Congo ondernamen en geen enkele lading gericht was op het ontwikkelen van de kolonie zelf.
Op basis van grondig archiefonderzoek in verschillende landen heeft de Vlaamse antropoloog Vangroenweghe dit systeem gedetailleerd in kaart gebracht (zijn baanbrekende werk ´Rood Rubber, Leopold II en zijn Congo´ is recentelijk heruitgegeven en aangevuld verschenen bij Van Halewijck).
In recente tijd nemen ook andere historici deze analyse van het structurele karakter van de misdadigheid over:
“De leiding van de Onafhankelijke Congostaat, zowel als de concessiemaatschappijen zetten een bijzonder streng ontginningssysteem op dat de autochtone bevolking zwaar treft. Die bevolking is niet alleen onderworpen aan een meedogenloos werkregime, maar ook aan allerlei machtsmisbruik dat elk spoor van weerstand of zelfs elk signaal van passief verzet tegen de inhumane behandeling moet breken. In grote delen van de Onafhankelijke Congostaat worden dorpen verwoest, gebeuren standrechtelijke executies, worden mensen gegijzeld, gemarteld en verkracht en worden strafexpedities georganiseerd. Het is er dagelijkse kost. Niet alle streken worden op dezelfde manier getroffen, maar waar de feiten zich voordoen, gaat het niet om wat overdreven ijver of ontsporingen van losgeslagen enkelingen, maar er zit een vast patroon in waarbij de blanken aangespoord worden steeds meer goederen (rubber en ivoor) te leveren. Omdat externe controle op de beambten uitblijft, kunnen ze haast ongestraft hun gangen gaan” (Guy Vanthemssche, Congo, de impact van een kolonie op België, 2007).
De lokale economie wordt door de rubbercampagne volledig ontwricht.
Inlanders wordt verboden om nog in rivieren te vissen of zich in andere gebieden te vestigen om aan nieuw voedsel te komen. Bovendien worden soms hele oogsten geconfisqueerd door het leger of bij strafexpedities vernietigd.
Het wekt geen verbazing dat honger, verzwakking, ziekten en dood veelal het gevolg waren. Als de rubberopbrengsten naar de zin van de vorst nog niet hoog genoeg waren, werd er zelfs toe aangespoord in sommige streken alle vrouwen en kinderen krijgsgevangen te maken.
De mannen werden de jungle in gestuurd met de verzekering dat ze hun vrouwen en kinderen pas zouden terugkrijgen, als er genoeg latex was afgetapt.
Er bestaan gedetailleerde boekhoudkundige overzichten met de namen en andere gegevens van de vele duizenden gevangen vrouwen en kinderen waaruit blijkt dat dit een doelbewuste politiek was van de regering van Congo Vrijstaat.

(9) De Frans-Britse Dene Morel werd vanuit het V.K. de leider van een internationale campagne tegen de misdaden van
de Congo Vrijstaat, die uiteindelijk leidde tot de gedwongen overdracht ervan aan de Belgische regering in 1908.
Wie zich het verleden niet kan herinneren, is gedoemd het opnieuw te leven. (George Santayana - filosoof)

Gebruikersavatar
Alostum
Site Admin
Berichten: 11737
Lid geworden op: 14 Mei 2014, 15:27
Locatie: Aalst

Artikel Willy - Congo rond 1900 deel 6

Berichtdoor Alostum » 04 Jun 2014, 14:47

Geplaatst: 14 Dec 2011 02:08 pm
esja schreef:Deel 6

Behalve de vele vrouwen en kinderen die in gevangenschap van de honger stierven, vielen vele anderen ook nog ten prooi aan de seksuele verlangens van het Force Publique.
Bij weigering van stamhoofden om mee te helpen oogsten werden strafexpedities ondernomen, waarbij hele dorpen werden vernietigd en de bewoners vermoord. Kannibalisme onder soldaten van het Force Publique was geen uitzondering. Hoewel de koning hiervan op de hoogte was, heeft hij, behoudens wat formele protesten, niets ondernomen om dergelijke praktijken te verhinderen. Ambtenaren en officieren die de wreedste misdaden hadden begaan, waren doorgaans het meest lucratief en werden vaak opnieuw aangesteld. Het rechtsapparaat van de Congo Vrijstaat heeft slechts in enkele gevallen ambtenaren gestraft en dan nog wel met bijzonder lichte straffen in verhouding tot de begane misdaden. Vele van de misdadigers konden bovendien ongestraft naar België terugreizen en soms na enkele jaren weer terugkeren. Deze cultuur van straffeloosheid maakte dat het kwaad ongeremd kon voortwoekeren. (10)

Kinderkolonies

De staat richtte ook kinderkolonies op met het doel om getrainde militairen af te leveren. In de woorden van de koning zelf: “Ik geloof dat we 3 kinderkolonies moeten oprichten... onder de geestelijkheid met een soldaat... Het doel van deze kolonies is bovenal om ons van soldaten te voorzien... We moeten dus drie grote kazerne´s bouwen... die elk onderdak bieden aan 1500 kinderen en administratief personeel”(Hochschild).
De gouverneur-generaal ging vanaf dan zoveel mogelijk mannelijke kinderen verzamelen voor deze kolonies. Ook door katholieke missionarissen werden kinderkolonies opgericht. In theorie was dit voor´wezen´, maar in de Afrikaanse culturen bestaat het Europese concept van ´wees´ niet en worden kinderen door de familie of clan opgevoed. Tijdens de dodelijke raids van het Force Publique werden de overlevenden meegevoerd en kinderen gebracht naar de katholieke missionarissen. Dezen hielden er nochtans een andere voorstelling op na: “De paters en zusters van Sinte-Maria-Berghe, Nieuw-Antwerpen, Boma en Moanda zegden niet dat hun kinderen gekidnapt waren. Zij zegden integendeel dat die bevrijd waren uit de handen van Arabische of andere slavendrijvers om tot voor de beschavingsnuttige elementen, soldaten ambachtslui, opgeleid te worden in hun schoolkolonies” (Delathuy).
Ook in de staatskolonies waren geestelijken actief: “....Sinds het laatste konvooi kinderen uit Buta zijn er nog vijfentwintig gearriveerd. Af en toe hebben we enkele van de kleintjes gedoopt, indien het gevaar bestond dat ze zouden sterven... Op 1 juli hebben we de nationale feestdag gevierd van de Congo Vrijstaat. Om acht uur met al onze kinderen en een vlag voorop, stonden we aan de voet van de trap die in de klip was uitgehakt, om commandant Devos en zijn soldaten te verwelkomen.
Onderweg terug naar de missie marcheerden de kinderen voorop, de soldaten erachter. ... Tijdens de mis werd op het moment van het opheffen van de hostie ´presenteer geweer´ geblazen op de jachthoorn”
(Hochschild).
Tevens werd in de kinderkolonies de chicotte gebruikt en werden ongehoorzame of weggelopen kinderen geboeid. Tijdens de eindeloze transporten naar de kolonies stierven onderweg talloze kinderen van uitputting.
Bijvoorbeeld tijdens de gedwongen mars naar de staatskolonie van Boma in 1892-1893 kwamen van de 108 slechts 62 kinderen aan. Een moeder-overste van een katholieke kolonie voor meisjes schreef aan een overheidsfunctionaris van Congo: “verscheidene van de kleine meisjes waren zo ziek bij aankomst dat (...) onze goede zusters hen niet konden redden, maar allen hadden het geluk het Heilig Doopsel te ontvangen; zij zijn nu engeltjes in de hemel die bidden voor onze grote koning” (Hochschild).
Volgens A. M. Delathuy, die jarenlang archiefonderzoek heeft gedaan in deze materie, was de kindersterfte in de kolonies erschrikkelijk: “Volgens de gegevens van Scheut (paters van Scheut, nvdr) waren er te Nieuw-Antwerpen 1000 doden op 1.500 kinderen die in ontvangst genomen werden in de periode 1890-1897. In 1898-1899 arriveerden er 875 kinderen van wie er 385 stierven. Samen 1.385 doden voor het decennium. Te Sinte-Maria-Berghe telde men 503 doden op 13 april 1899 en 90 vanaf die datum tot 31 maart 1900. Samen 593. De missiepost Nieuw- Antwerpen vóór 1900 en Sinte-Maria-Berghe kunnen zonder overdrijving dodenkampen van Afrikaanse kinderen genoemd worden.”


(10) Hochschild geeft deze episode in zijn boek de veelzeggende titel: “Waar geen 10 geboden meer zijn”. De wereldberoemde novelle “Heart of darkness” van ooggetuige Joseph Conrad beschrijft tot welke diepte van duisternis dit kwaad zich kon ontplooien in de binnenlanden van Congo.
Wie zich het verleden niet kan herinneren, is gedoemd het opnieuw te leven. (George Santayana - filosoof)

Gebruikersavatar
Alostum
Site Admin
Berichten: 11737
Lid geworden op: 14 Mei 2014, 15:27
Locatie: Aalst

Albert Boone in de Nieuwstraat en de Dirk Martensstraat

Berichtdoor Alostum » 04 Jun 2014, 14:47

Geplaatst: 15 Dec 2011 01:46 am
jan louies schreef:De bevolkingsregisters (volkstellingen 1866 en 1890) liegen er niet om: Albert Boone woonde bij zijn ouders in de Nieuwstraat 61 en na het overlijden van zijn vader bij zijn moeder in de Dirk Martensstraat 17. Ze verhuisden later naar Schaarbeek.
Hieronder een neerslag van mijn opzoekingen:

Vader Boone
In augustus 1859 studeert de Aalstenaaar Charles Boone (°1837) af aan de Leuvense universiteit als kandidaat in de rechten. In Aalst vinden we in de notarisaankondigingen vanaf 29/9/1867 notaris C.A. Boone, in 1870 in de ‘Nieuwstraat, komende van de Pontstraat’. Zijn vorige verblijfplaats staat te huur: een ‘schoon en gerieflijk huis, Brusselsestraat, voortijds bewoond door notaris Boone, zich wenden notaris Boone, Nieuwstraat’ (Den Yker, 17/7/1870). ‘Secretaire commercial’ (dus toen nog geen notaris) Boone woonde inderdaad tot 1868 met vrouw Emma Van Der Smissen en dochtertje Laura (°1868) in de Pontstraat 61 (nu nr. 59, beschermd monument ‘huis Van Molle’, deel van het Lyceum). Hij verhuisde naar de Nieuwstraat 61 (huis De Grez, nu Vögele-kleding). Ervoor woonde daar notaris Honoré D’Huygelaere, eveneens stadsecretaris, die er overleed in 1867. De muurschilderingen in de koetspoort, door Serafien De Vliegher omstreeks 1845 geschilderd, zijn nu te bewonderen in het stedelijk museum. Allicht volgde Boone de overleden notaris D’Huygelaere op. Notaris Boone overlijdt op zijn beurt in januari 1886 (De Denderbode, 31/1/1886: C. A. Boone, 48 j, man van Van Der Smissen, Nieuwstraat). Op 24 januari verschijnt nog een aankondiging van een grote verkoop door hem, i.s.m. notaris De Gheest. Zijn overlijden moet dus heel plots gekomen zijn. Op 19/12/1886 staat het huis waar hij woonde te huur (al dan niet met stal en remise), bij (de liberale)dokter De Windt, die een paar huizen verder woont. Notaris Boone wordt opgevolgd door Leon Limpens. Zijn weduwe vinden we dan terug in de Dirk Martensstraat 17, naast stadsbouwmeester Jules Goethals. Haar kroost, Laura, Albert (toen 17 jaar), Fernand, Albina en Edgard, woont nog bij haar in. Het pand staat in 1890-92: te huur: bevragen bij J. Goethals en in januari 1893 verhuizen ze definitief naar Schaarbeek. Ook daar wonen de kinderen, onder andere de zoons Albert en Fernand nog in, ten minste als ze niet in de Congo zitten.

Turnhout

In 1896 houdt notaris De Gheest i.s.m. een notaris Boone, verblijvende te Turnhout, een verkoop te Aalst. Tot 1902 vinden we aankondigingen van notaris Boone ‘van Turnhout’ , in samenwerking met een Aalsterse advokaat, meestal De Gheest. Nu nog is er in Turnhout een notarisfamilie:
Alphonse 1873 – 1919
Jules 1919 – 1963
Alfons 1963 - 1990
Claire 1990
Is dit familie van de Aalsterse tak?

Den oliestamper Gheeraerdts

Nu was notaris Albert Charles Boone (meestal vernoemd als Charles) een volbloed liberaal en zoals wij weten de familie Gheeraerdts katholiek…
In de jaren 1850 zetelt Martin François Gheeraerdts (°20/9/1808), molenaar uit de Molenstraat, verkozen op de lijst der liberalen, in de gemeenteraad. De Denderbode van 19/10.56 is niet mals voor deze politieke tegenstrever: ‘Uylen hebben schone pluymen, maar zy hebben niet ’t beste vleesch’ zoals ‘den oliestamper Fr. Geeraerdts’ . Maar François ontpopt zich blijkbaar als een katholiek. Notaris Charles Boone ondertekent dan ook eind 1869 als ‘geheimschrijver’ van de ‘liberale associatie’ een politiek manifest waarin ‘de smorsige Merten Gheeraerdts’ als verrader uitgescholden wordt. Maar Boone is behalve liberaal militéant ook stadssecretaris. De katholieke meerderheid , ‘de bokkenmajoriteit, bezwangerd door eenen dweepzuchtigen partijgeest’ zet hem daarom af als gemeentesecretaris. Daarmee zijn ze van een pottenkijker verlost: een stadssecretaris woont immers de (unaniem katholieke) collegezittingen bij.
De overloper echter wordt, aldus het liberale blad Den Yker, door de kiezer afgestraft op 26 oktober 1869: ‘vooraleer zijnen besmeurden zetel te verlaten om te verdwijnen onder den algemeen afkeer heft hij nog eens zijnen hamer der verdelging.’ Lees het artikel ‘Adieu’ in Den Yker van 1 november 1869 er maar op na! In Den Yker van 3 april 1870 wordt nog aangeklaagd dat Boone als ambtenaar ontzedelijkt werd. Er wordt zelfs een brief naar de koning geschreven!
François Gheeraerdts overlijdt in 1883 op 74-jarige leeftijd als schepen van de stad Aalst.. Dan pas verdwijnt hij, na 50 jaar, uit zijn ‘besmeurden gemeenteraardszetel’. Coming man is zoon Leo Gheeraerdts, vriend van… Albert Boone.
Is naast de familie Gheeraerdts ook de familie Boone katholiek geworden en werden de zoons van de politieke opponenten dikke Congo-vrienden?

Voor een portret van François Gheeraerdts, zie rubriek ‘Genealogie Gheeraerdts’
Wie zich het verleden niet kan herinneren, is gedoemd het opnieuw te leven. (George Santayana - filosoof)

Gebruikersavatar
Alostum
Site Admin
Berichten: 11737
Lid geworden op: 14 Mei 2014, 15:27
Locatie: Aalst

Re: Albert Boone

Berichtdoor Alostum » 04 Jun 2014, 14:48

Geplaatst: 15 Dec 2011 01:48 pm
esja schreef:Jan,

het kan belerend klinken maar juist is juist: de notaris heet Carolus Albertus, de zoon Albertus Carolus, zie zijn geboorteacte. Logisch dat de notaris dan Charles genoemd werd.
Ik blijf ook bij mijn statement dat Albert bij zijn bezoek aan Belgie in Brussel verbleef, je geeft me nu de data in handen, hij vertrok een eerste maal naar Congo in 1891 en komt voor het eerst in 1894, zijn moeder was dan reeds verhuisd naar Brussel (januari 1893 - Schaarbeek).
Hij kan dan ook moeilijk in de Dirk Martensstraat verbleven hebben.
sorry
Wie zich het verleden niet kan herinneren, is gedoemd het opnieuw te leven. (George Santayana - filosoof)


Terug naar “Burgers en hun bestuurders - Politiek”

Wie is er online

Gebruikers op dit forum: Geen geregistreerde gebruikers en 1 gast

Advertentie